Verhit stikstofdebat in verkiezingstijd

Op 23 februari 2018 was er een extra PS-vergadering over een stikstof-rapport. Het liep uit op een robbetje vechten tussen Gedeputeerde Van den Hout en de coalitiepartijen tegen de oppositiepartijen PVV, ChristenUnie/SGP en CDA. GroenLinks nam een onafhankelijke positie in, maar tussen de kemphanen kwam de inhoud in de knel.

Wat was er aan de hand? In december maakte het college van GS een rapport openbaar over industrie en de PAS (Programma Aanpak Stikstof). De inhoud was niet mals: veel industriële bedrijven voldoen nog niet aan de wet. GroenLinks stelde direct Statenvragen.

Vervolgens kwam er in januari een storm aan verontwaardiging los via politiek en pers over dit rapport. Daarover schreven we in een eerdere nieuwsbrief.

  • Klik hier voor het artikel ‘Stikstofdiscussie in de Staten: koude drukte of toch belangrijk?’

Omdat het bijna gemeenteraadsverkiezingen zijn, meenden enkele oppositiepartijen dat het belangrijk was om dit mediagenieke rapport in een aparte Statenvergadering te bespreken. Op vrijdagavond 23 februari was het zover.

In Brabant is er veel te veel stikstof. Daarom hadden we tot 2015 onze provinciale depositiebank. In 2015 kwam daar een einde na de introductie van PAS, het landelijke Programma Aanpak Stikstof. Een pakket aan maatregelen om de uitstoot van stikstof te verminderen vanuit veehouderij en ook industrie en verkeer. GroenLinks vindt het goed dat met het PAS álle bronnen van stikstof worden aangepakt. Maar vindt het ook een complex gedrocht, dat uiteindelijk leidt tot nog geen paar procent stikstofreductie in ons overbelaste Brabant. En dat nadrukkelijk ook als doel heeft om níeuwe ontwikkelruimte te creëren voor bedrijvigheid met forse uitstoot.

Uit het rapport waar het debat om draaide, in opdracht van het Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht (BPO), blijkt dat de industrie nog niet in de PAS loopt. Overigens prima dat het BPO tot de pilot is overgegaan; deze bood interessante inzichten.

Gezondheid en natuur
Teveel stikstof terugdringen, daar draait deze discussie om wat GroenLinks betreft. Waarom is dat teveel aan stikstof eigenlijk zo erg? Om twee redenen: het is slecht voor onze gezondheid en slecht voor onze natuur.

Te beginnen bij de gezondheid. Teveel reactief stikstof geeft luchtvervuiling en tast daarmee onze luchtwegen, ons hart en onze bloedvaten aan. De vervuiling met fijn stof van verkeer en transport is al groot, maar de stikstof-overload maakt de luchtverontreiniging in de ogen van GroenLinks onverantwoord hoog.

Komt daar alle ammoniak uit mest bij, dan ontstaan fijnstofdeeltjes die honderden kilometers verderop nog te vinden zijn. Ruim 60 procent van het fijnstof in onze steden is van dit soort makelij, stelde het RIVM in 2016.

Volgens GGD Hart voor Brabant hebben mannen in Brabant sinds vijfentwintig jaar het vaakst longkanker, voor de Brabantse vrouwen geldt dat sinds tien jaar. In Noordoost-Brabant is de sterfte aan kanker bovendien 12 procent hoger dan op basis van leeftijd en geslacht mag worden verwacht.

Kort geleden riep de Gezondheidsraad nog op om de luchtkwaliteit verder te verbeteren. Nog tot ónder de normen van de Wereld Gezondheids Organisatie. Nou, daar zijn we in Brabant nog ver vandaan.

Naast de gezondheid lijdt ook de natuur schade door de overdaad aan stikstof. Zeldzame planten die het goed doen op voedselarme grond (denk aan de Brabantse heide), verliezen het nu van planten die van voedselrijke grond houden. Zo verdringen brandnetels nu de orchideeën. En verdwijnen ook de insecten die van de zeldzame planten leven en de vogels en zoogdiertjes die van die insecten leven. Stuk voor stuk zaken waar wij het in Provinciale Staten niet vaak over hebben. Onterecht, wat GroenLinks betreft.

Problemen niet in beeld
Maar helaas, zover kwam het niet op 23 februari. Hagar Roijackers: “Het mocht vooral niet over de inhoud gaan. Inhoudelijke opmerkingen en vragen werden afgehamerd. In de Procedurevergadering was immers afgesproken dat het alleen mocht gaan over de vraag of het rapport was ‘achtergehouden’ en of we als Provinciale Staten de landbouwdiscussies in de zomer van 2017 anders hadden gevoerd met dit rapport in de hand.”

Het rapport legt drie problemen bloot: uit de beschreven steekproef blijkt dat de industrie voor een deel niet aan de wet voldoet. Handhaving blijkt om meerdere redenen lastig te zijn. En we weten nog niet in hoeverre deze industriële bron verantwoordelijk is voor de totale stikstofuitstoot in Brabant.

Precies dat leidde laat op de vrijdagavond tot een motie van afkeuring vanuit ChristenUnie/SGP en CDA en een motie van wantrouwen vanuit de PVV. Zonder steun van GroenLinks, uiteraard. We namen een onafhankelijke positie in, dus we gingen niet mee in de felle verontwaardiging van de rest van de oppositie (die duidelijk uit was op het pakken van een ‘mediamomentje’ in verkiezingstijd).

Hadden onze Staten op 7 juli 2017 een ander besluit genomen met dit rapport in de hand? Hagar Roijackers: “Dat is niet waarschijnlijk . De veehouderij draagt voor een groter deel bij aan verzuring, vermesting en verontreiniging dan de industrie. GroenLinks zou dus achter de voorgestelde maatregelen zijn blijven staan. Maar uit onze Statenvragen van december 2017 mag blijken dat wij het idioot vinden dat de industrie tot nu toe nog zo buiten schot is gebleven in de uitvoering van de PAS.”

Uit de pilot blijkt dat veel ondernemers nog niet beschikken over een Nb-vergunning. We tasten dus in het duister wat de stikstofuitstoot is van de industrie op de natuur. GroenLinks gaat aanvullende Statenvragen stellen. Het beleid van dit College lijkt er alleen op gericht te zijn om de ‘ontwikkelruimte’ (de ruimte binnen de vastgestelde wettelijke afspraken) zo goed mogelijk te gebruiken. En niet op, wat GroenLinks wil, het werkelijk naar beneden krijgen van de stikstofuitstoot en de depositie (neerslag) van stikstof op onze mooie Natura 2000-gebieden.