Te veel nadruk op 'gouden handjes' en 'knappe koppen'

Tijdens de eerste fysieke Statenvergadering na lange tijd waar alle Statenleden bij aanwezig zijn, is het Actieplan Arbeidsmarkt aangenomen met steun van GroenLinks. Hoewel het voorstel te veel nadruk legde op de 'gouden handjes' en 'knappe knoppen' in Noord-Brabant, zag de GroenLinks-fractie net voldoende reden om akkoord gegaan.

,,De steunmaatregelen om de gevolgen van de coronacrisis het hoofd te bieden worden gedekt uit het middelen voor de arbeidsmarkt. Ook is er ruim 2,5 miljoen euro voor verkeersveiligheid gereserveerd", aldus Statenlid Michiel Philippart die de stemkeuze van zijn fractie toelicht. ,,Het voorstel was verder heel mager en had veel te weinig ook voor mensen in een kwetsbare positie. We hebben een toezegging dat speciaal gekeken gaat worden hoe hoogopgeleide statushouders kunnen aansluiten bij het trainneeship 'De toekomst van Brabant'." Een motie om naast laaggeletterden en 50-plussers ook speciaal aandacht te hebben voor mensen met een migratieachtergrond haalde het net niet. Vlak voor de stemming heeft de CDA-fractie haar steun ingetrokken voor de motie.

Lees hieronder de spreektekst van Michiel Philippart

Betaald werk in onze samenleving is cruciaal voor ons welbevinden, zowel sociaal, fysiek, psychisch als financieel, aldus de WRR. Bij Actielijn 1 van het voorstel staat: Ons uitgangspunt blijft dat iedereen moet meedoen: meer mensen moeten werken, aldus GS. Niet voorwaardelijk, maar moeten. Als we vinden dat iedere burger recht heeft op volwaardige deelname aan de samenleving en als betaald werk daar een beslissende factor voor is, is het beleid voor groepen met een afstand tot de arbeidsmarkt dan niet veel te beperkt? Waarom alleen 50-plussers en laaggeletterden? Welke potentiele talenten met een afstand tot de arbeidsmarkt ziet de gedeputeerde nog meer in Brabant?  Daarover: Hoe wordt het miljoen ingezet voor 50-plussers en laaggeletterden? Daar staat niks over geschreven.

Trends als globalisering, automatisering, robotisering, digitalisering, flexibilisering en de duurzame transitie veranderen de arbeidsmarkt fundamenteel. Hoewel de angst voor massale werkloosheid als gevolg hiervan voorlopig onterecht is – de duurzame transitie creëert tot nu toe vooral werkgelegenheid – zijn de precieze gevolgen nog onduidelijk. Wel veranderen vorm en inhoud van ons werk. De gemiddelde houdbaarheid van een opleiding daalt verder, mensen hebben vaker om- of bijscholing nodig en zullen vaker wisselen van beroep. De coronacrisis komt hier nu op korte termijn overheen en de gevolgen laten zich nog raden. Kan de gedeputeerde aangeven hoeveel van de 16 miljoen euro gaat naar het Talent voor de kenniseconomie van Morgen en hoeveel aan de korte termijn gevolgen van de coronacrisis voor de arbeidsmarkt? En hoeveel is al bekend hoe het geld over de actielijnen wordt verdeeld?

Mijn fractie vreest dat door het huidige Actieplan arbeidsmarkt maatschappelijke scheidslijnen worden vergroot. Tussen de gouden handjes en knappe koppen van GS, en de ruwe handjes en eenvoudig koppen. Als we ons als provincie dan toch op een terrein als arbeidsmarkt gaan bewegen waar we geen wettelijke taak hebben, moeten we dan niet meer oog hebben voor de kwetsbaarste? In haar rapport Weten is nog geen doen signaleert de WRR dat de overheid teveel nadruk legt op de zelfredzaamheid van burgers. Blijkens de passage over 50plussers en laaggelettereden ligt daar een taak voor onze provincie. WRR zegt ook dat mensen zonder werk worden aangesproken op hun eigen verantwoordelijkheid maar krijgen nauwelijks ondersteuning om die te pakken en is er een cultuur van het ‘disciplineren’ van werkzoekenden. Hoe voorkomen we dat provinciaal geld indirect hieraan bijdraagt? En hoe zit het met onbetaald of gesubsidieerd, maar waardevol werk? Meedoen en zo van waarde zijn voor jezelf en je omgeving, draagt bij aan een gezond werk- en leefklimaat, in lijn met actielijn 4. Mantelzorg, vrijwilligerswerk, sociale werkplaatsen, basisbanen zijn van onschatbare waarde voor de samenleving, voor gezinnen, de gezondheidszorg, de druk op justitiële keten, verenigingsleven, sociale cohesie. Talent uit zich in vele vormen. Is daar voldoende aandacht voor, vraag ik de gedeputeerde?

Kansen van achterblijvende groepen zoals langdurig werklozen, lager opgeleiden, herintreders na zorg- of opvoedingstaken, mensen met een migratieachtergrond of arbeidsbeperking is schadelijk voor de effectiviteit van het arbeidsmarktbeleid. De noodzaak voor ander beleid wordt ook onderkend door internationale organisaties als de OESO en de Europese Unie. Nadrukkelijk moedigen ze lidstaten aan om over te stappen op een nieuw model verzorgingsstaat: de sociale investeringsstaat. Het centrale idee hierachter is dat overheden hun werkloze burgers niet alleen opvangen met een uitkering, maar hen gedurende hun hele loopbaan veel actiever gaan ondersteunen om te blijven leren, werken en zich te ontwikkelen. Voor sommige mensen zal dit betekenen dat ze eenmalig een studie-loopbaanadvies krijgen, voor anderen dat ze zich laten omscholen, en voor weer een andere groep dat ze hun hele leven worden ondersteund door een jobcoach of salarisondersteuning. Hoe ziet GS de rol voor de provincie hierin? Wil GS toezeggen een scenario uit te werken hoe de werkgeversservicepunten die in korte tijd opgericht zijn door de coronacrisis uit te breiden zouden kunnen worden uitgebreid naar een soort van provinciaal arbeidsbureau, waarbij iedereen laagdrempelig terecht kan met vragen over werk of scholing in Brabant en waarbij het net als nu een schakelfunctie wordt vervuld naar andere organisaties of vormen van dienstverlening?

Artikel 1 van de Nederlandse grondwet zegt: ‘Allen die zich in Nederland bevinden worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. En omdat de gevallen vaak niet gelijk zijn, is het aan ons allemaal, onze overheden om te zorgen dat iedereen gelijke kansen heeft. In de provincie Gelderland zijn er acht traineeshipplaatsen speciaal voor hoogopgeleide statushouders, om hen een kans te geven hun talent maximaal in te zetten voor de provincie Gelderland. Er waren meer dan honderd aanmeldingen. Vijf Syriërs en drie Irakezen, waaronder een arts, archeoloog en leraar hebben inmiddels de ambtseed afgelegd. Een overheid die het goede voorbeeld geeft. In een themabijeenkomst hebben we hier eerder over gesproken en de gedeputeerde zou er naar kijken en zonodig informeren in Gelderland. Hoe kijkt de gedeputeerde aan tegen een soortgelijk programma in Brabant?