GroenLinks Brabant heeft ongemakkelijk gevoel bij verkoop Attero

In de media is veel over het afvalverwerkingsbedrijf Attero geschreven: berichten over hoge dividend-uitkeringen na verkoop van Attero aan Waterland en over ophanden zijnde doorverkoop en een hoge waardering die daarmee zou zijn gemoeid hebben veel stof doen opwaaien.

Nog afgezien van het feit dat Attero nog helemaal niet is doorverkocht, is GroenLinks daarom blij om te kunnen constateren dat bij het bepalen van de verkoopprijs en de verhouding tussen ondernemingswaarde en aandeelhouderswaarde geen onregelmatigheden zijn vastgesteld en dat het gehele verkoopproces in opzet en uitvoering grotendeels voldoet aan de eraan te stellen eisen.

Maar desondanks neemt het onderzoek het ongemakkelijke gevoel over de gang van zaken in het verkoopproces niet weg. Sterker nog, het onderzoek bevestigt wat GroenLinks betreft het beeld dat een smalle, eenrichtingsverkeerweg is ingeslagen om als provincie zo snel mogelijk van Attero af te komen.

Alles overziende kun je stellen dat er bij de verkoop van Attero inderdaad sprake was van een tunnelproces, een proces waarin alleen verkopen het doel was. Natuurlijk, gemeenten wilden Attero niet overnemen en het bedrijfsresultaat van Attero stond structureel onder druk en om concurrerend te worden zouden forse investeringen nodig zijn geweest.

Maar dit laat onverlet dat van uitstel geen afstel hoefde te komen. En daar is in het proces weinig ruimte voor geweest. Ruimte voor reflectie, ruimte voor overleg met PS (daarin hadden PS zelf ook meer kunnen betekenen), ruimte om even de tijd te nemen en betere tijden af te wachten.

Het begrip tunnelproces moeten we niet verwarren met tunnelvisie. Dat zou duiden op onvermogen en daarvan is volgens GroenLinks geen sprake. Er is volgens ons welbewust gestuurd op een snelle, efficiënte verkoop van Attero; de eventuele gevolgen zijn voor lief genomen. De uitvoering van het proces, de uiteindelijke keuze, de uiteindelijke prijs is gerationaliseerd met het argument dat het verkoopproces concurrerend is geweest en de prijs op dat moment marktconform was. Maar dat laat onverlet dat door alle partijen geleerd moet worden van dit proces, om in de toekomst beter beslagen ten ijs te komen.